Nieuwsitem

Geschil over de kwaliteit van een rapport van een particulier onderzoeksbureau naar aanleiding van een klokkenluidersmelding.

In de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag ([ECLI:NL:GH…348.985/01]) gaat het over een conflict tussen het onderzoeksbureau Restment B.V. en de Stichting Limena over de kwaliteit van een onderzoek naar een klokkenluidersmelding. Het hof geeft uiteindelijk Limena gelijk en bekrachtigt het eerdere vonnis van de rechtbank.

Wat Is er aan de hand?

Limena is een instelling op reformatorische grondslag die zich bezighoudt met het huisvesten, verzorgen en opvoeden van schipperskinderen. Op 15 juni 2020 heeft een drietal medewerkers van de vestiging Krimpen aan den IJssel (De Driemaster) en Dordrecht (Eben-Haëzer) aan (de secretaris van) het bestuur van Limena een melding gedaan volgens de geldende klokkenluidersregeling. Restment is een recherche- en onderzoeksbureau dat is voorzien van een vergunning Particulier Onderzoeksbureau.

  • Limena schakelde Restment in om onderzoek te doen naar meldingen van onder meer:
    • mogelijke belangenverstrengeling,
    • dubieuze aanbestedingen,
    • vriendjespolitiek,
    • sociale onveiligheid binnen de organisatie.
  • Na een eerste verkennend onderzoek kreeg Restment een vervolgopdracht voor een uitgebreider feitenonderzoek.
  • Uiteindelijk ontstond discussie over de kwaliteit van dit onderzoek en weigerde Limena een aantal facturen te betalen.
  • Restment heeft Limena gedagvaard om onder meer  de facturen betaald te krijgen.
  • Bij tussenvonnis van 7 december 2022 heeft de rechtbank een deskundige benoemd.
  • Nadat de deskundige zijn advies had uitgebracht, heeft de rechtbank bij eindvonnis van 4 september 2024 de vorderingen van Restment afgewezenen de vordering van Limena toegewezen, in die zin dat de tussen partijen gesloten overeenkomst gedeeltelijk is ontbonden, te weten voor zover deze ziet op andere werkzaamheden dan het houden en uitwerken van de interviews.
  • Restment heeft in hoger beroep dertien bezwaren ingediend tegen het vonnis van de rechtbank.

Oordeel van  het hof

Het hof vindt dat Restment tekort is geschoten in de uitvoering van de opdracht. Daarbij sluit het hof zich aan bij de conclusies van een onafhankelijke deskundige.

Belangrijkste tekortkomingen:

  • Het doel van het onderzoek was onvoldoende duidelijk vastgesteld.
  • Mogelijke integriteitsschendingen zijn niet diepgaand genoeg onderzocht, terwijl daar wel aanleiding voor bestond.
  • Het rapport bevatte onvoldoende onderbouwing voor de getrokken conclusies.
  • Er was onvoldoende aantoonbaar hoor en wederhoor toegepast.
  • Interview resultaten zijn grotendeels zonder voldoende analyse, duiding en structuur in het rapport opgenomen.

Klachtplicht

Restment stelde dat Limena te laat had geklaagd over het rapport. Het hof wijst dit af:

  • Limena had tijdig haar bezwaren kenbaar gemaakt.
  • Restment heeft niet aangetoond dat zij door de vermeende vertraging in haar belangen was geschaad.
  • Het hof overweegt dat het Restment niet kan volgen in haar stelling dat zij op grond van art. 23a WPBR jo art. 11 van de Privacy Gedragscode verplicht is tot het hebben van een klachtenregeling met een vervaltermijn van zes weken en dat dus het recht van Limena om te klagen over gebreken in de prestatie is vervallen.
  • De in de Privacy Gedragscode genoemde klachtregeling ziet op klachten van een onderzochte persoon die van mening is dat een particulier onderzoeksbureau heeft gehandeld in strijd met de gedragscode en/of de AVG.
  •  Dat is een heel andere kwestie dan de klachtplicht van art. 6:89 BW met betrekking tot gebrekkige prestaties.

Ontbinding van de overeenkomst

  • Het hof oordeelt dat de tekortkomingen ernstig genoeg waren om de overeenkomst gedeeltelijk te ontbinden.
  • Limena hoeft daarom de openstaande facturen voor fase 2 van het onderzoek niet meer te betalen.
  • Ook een latere factuur voor vermeende vervolgwerkzaamheden (fase 3) hoeft Limena niet te voldoen.

Uitkomst

  • Het hoger beroep van Restment wordt volledig verworpen.
  • Het vonnis van de rechtbank Rotterdam blijft in stand.
  • Restment moet bovendien de proceskosten van het hoger beroep betalen (€ 4.716).

Kernboodschap

Het hof vindt dat een professioneel onderzoeksbureau bij een gevoelig integriteitsonderzoek zorgvuldig, diepgaand en controleerbaar moet werken. Omdat Restment volgens het hof onvoldoende onderzoek deed, conclusies onvoldoende onderbouwde en hoor en wederhoor onvoldoende zichtbaar toepaste, kreeg Limena het recht om de overeenkomst gedeeltelijk te ontbinden en de betwiste facturen niet te betalen.